Een leerling op het praktijkonderwijs is een doener: hij/zij leert door met de handen te werken om zo ervaring op te doen.
De leerling:
- heeft een leeromgeving nodig die overzichtelijk en gestructureerd is.
- heeft een leeromgeving nodig die uitnodigt om zelf initiatieven te nemen en niet afwachtend te blijven.
- heeft een begeleider nodig die veiligheid en structuur biedt in nieuwe spannende situaties.
- heeft een begeleider nodig die oog heeft voor de sociale en emotionele ontwikkeling van de leerling en de gevoeligheid voor invloeden van buitenaf.
- heeft een begeleider nodig die een korte instructie geeft en korte concrete zinnen formuleert.
- heeft opdrachten nodig die veel ruimte bieden voor ‘doen’.
- heeft een begeleider nodig die het spreektempo aanpast aan de leerling.
Het aanbieden van taken gaat in de volgorde; voordoen, samendoen, zelf doen. In het begin starten we met enkelvoudige opdrachten. Dit vraagt van de begeleiding geduld en doorzettingsvermogen.

